In ‘Sport in Nederland een beleidsgerichte toekomstverkenning’ (Van de Heuvel en Van de Poel, 1999) staat geschreven dat betrokkenen bij sport- en bewegen de voorkeur geven aan een actieve rol voor de gemeente. Niet als alles regelende betweter, maar als regisseur, innovator en ondersteuner. Er is behoefte aan een overheid die samenwerking en interactie tussen verschillende beleidsterreinen stimuleert, innovaties ondersteunt en initiatieven ontplooit om maatschappelijke doelen te realiseren. Mede door de impulsregelingen BSI en BOS lijkt de rol van de gemeente zich inderdaad steeds meer te verschuiven van voorwaardenschepper naar ondersteuner, regisseur en stimulator.
In het advies ‘Inhoud stuurt de beweging’ laat de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (www.adviesorgaan-rmo.nl) zien dat de Wmo op verschillende manieren vorm kan krijgen. Dit is afhankelijk van de visie op maatschappelijke ondersteuning en de rol die de gemeente wil spelen in het concrete beleid dat uit deze visie voortvloeit.
Verschillende scenario's zijn: "de gemeente aan het roer", "stuurman van je leven" en "de burger en zijn verbanden"



